Image Alt

Loekie.nu

De tijd vliegt

De tijd vliegt, dat roep ik te pas en te onpas. Meestal baal ik ervan want je bent iets leuks aan het doen en ineens is het tijd om te gaan, om te eten, om boodschappen te doen, om te gaan slapen of om naar de tandarts te gaan. Ik zeg maar wat..

Wat je dus eigenlijk wil, is dat de tijd langzaam gaat. Vanaf zaterdag heb ik de perfecte manier gevonden om de tijd super langzaam te laten gaan. En dan bedoel ik ook echt tergend langzaam dat je denkt dat het NOOIT is afgelopen.

Hoe kan jij dit onmenselijke gevoel ook krijgen? Door met je dochter naar haar voetbalelftal te gaan. Nee, niet alleen om te kijken, maar jij hebt het ongekende geluk dat je aan de beurt bent om te mogen rijden met een aantal kids. En niet naar de dichtstbijzijnde voetbalclub, dat zou niet leuk zijn, nee naar een club een pokkeneind weg. Dus dat je geen tijd hebt om tussendoor terug naar huis te gaan.

Oké, je bent aangekomen met de andere rijders en nu moeten de meisjes zich gaan omkleden. Daar hebben ze meer dan een half uur de tijd voor. Wat ga jij in dat halve uur doen? Over het veld lopen (want je hebt je hondje bij je terwijl dat niet mag, ik zag in een oogwenk een sticker met een grote herder en een streep erdoor). De kantine is dus een no-go, terwijl het daar juist zo lekker warm was. Ondertussen steekt er een poolwind op en jij loopt daar met een heel klein hondje te hopen dat niemand je aanspreekt over deze overtreding (ik blijf in het voetbal jargon).

Je kijkt 86 keer op je horloge maar het blijft kwart voor 1. Nog steeds een half uur om te doden. Het rondje om de voetbalvelden met blauwbekkende toeschouwers heb je zo gedaan. De kantine lonkt maar je kent er verder geen hond, dus assertief binnenkomen laat je wel uit je hoofd.

Dan, na een halve dag wachten voor je gevoel dan hè, zie je in de verte de blauwwitte duivels een veld op lopen. Aha, dus daar spelen ze. Het gaat beginnen denk je.  Dus niet hè? Nee, nu gaan ze zich warmlopen en “inspelen”. Ik begrijp die commotie niet maar het schijnt erbij te horen. En dan, eindelijk, gaan ze beginnen. Binnen 5 minuten heeft ons cluppie een eigen goal gescoord. Ik zag dat dus niet en juichte er stevig op los. Rare blikken kwamen mijn kant op. Oh, is het een eigen doel? kraam ik uit. De rest van de wedstrijd zal ik jullie besparen. Ze verloren met vijf nul, viel nog mee.

Na een week, zo voelt het inmiddels, volgt het verlossende fluitsignaal. Nu gaat het wachten weer van voren af aan beginnen. Om half 5 of zo ben ik eindelijk weer thuis. Mezelf voornemend dat ik echt nooit meer rijd voor die takke voetbal. Daar zijn vaders voor of moeders bij wie het verenigingsbloed door de aderen stroomt. Ik heb daar echt helemaal niks mee. Ik ben de vreemde eend in de bijt die ervan baalt om mijn vrije tijd aan iets voor mij zo onbeduidends als voetballen, te besteden. Zijn er nog meer vreemde eenden zoals ik of ben ik hierin de enige?

Leave a Reply